Opstarten vijver Koi / Planten

Deze pagina laat niet zo zeer gedetailleerd zien hoe een vijver gemaakt moet worden, maar geeft wel duidelijk aan waar de valkuilen zitten en waar we terdege rekening mee moeten houden. Daarom zeer de moeite waard om even door te lezen.

Wanneer we een “koi” vijver willen opstarten, dan komt er van alles om de hoek kijken. We hebben van alles nodig en moeten met heel veel zaken rekening houden. Belangrijk is dat we niet te hard van stapel lopen, of alles in één dag af willen hebben.

Wat zijn zoal de belangrijkste elementen:
ü      Vormgeving
ü      Inhoud en diepte
ü      Wél of geen planten
ü      Filtersysteem
ü      Welke en hoeveel vissen willen we er in houden
ü      Bacteriecultuur

Een vijver moet qua vormgeving zó uitgevoerd zijn, dat er geen z.g. dode hoeken in zitten. Daar bedoel ik mee dat het water door de hele vijver in beweging kan zijn, zodat er nergens water stilstaat. Vooral, plekken met stilstaand water, kunnen nesten van giftige afvalstoffen worden.

Vormen die zich hier goed voor lenen, zijn b.v. de z.g. niervorm, rond of ovaal, vierkant of rechthoekig. Zie onderstaande figuren.

A. Niervorm B. Rond/ovaal C. Rechthoekig

Een eigenschap van de koi is, dat het o.a. een planteneter is dus de keus van wél of geen planten, vraagt toch wel enige aandacht. Het zou jammer zijn als de vissen uw mooie dure planten verorberen, die onderdeel zijn van het waterbeheer. (zie ook hoofdstuk water) De kans is dan echter ook groot, dat uw vijver daadoor troebel wordt.
Het mooiste zou zijn een combinatie van een heldere vijver zonder planten (hooguit een waterlelie in een dichte kuip) met een aangrenzende plantenvijver voor het filtersysteem). Planten zijn namelijk goede verbruikers van afvalstoffen. Zie hiervoor ook hoofdstuk water en hoofdstuk filters.
Afvalstoffen, als ammoniak en nitriet dienen verwerkt te worden tot nitraat, waardoor het weer voedsel is voor snelgroeiende planten. Groot voordeel van zo,n combinatie is dat je veel minder water hoeft te verversen, om het biologische evenwicht van uw vijver in stand te houden.
Bovendien komen uw kostbare vissen in een heldere vijver veel beter tot hun recht. Het is echter niet zo, dat u helemaal geen enkele plant in uw vissenvijver kunt plaatsen. Een stevige plant b.v. een waterlelie plaatst u in een ruime kuip met gaten in de zijkant en in de bodem. Dek de kuip van boven met een grove kiezel goed af, zodat uw koi’s er niet in kunnen woelen. Zet vervolgens de bak in de vijver, vrij van de bodem. De vissen kunnen er zo rondom en onderdoor zwemmen, om lekker te knabbelen aan de uitgroeiende wortels van de lelie. Zo hebben ze iets te doen, heeft de vis een schuilplaats, blijft de lelie onder controle en blijft de vijver helder. Schuilplaatsen zijn geen must, maar wel aan te bevelen. O.a. bij plotseling bezoek van ongewenste gasten, als reiger of poes is het prettig voor de vissen, dat ze zich kunnen verschansen.

Voorbeeld van dubbele vijver.
De lage vijver is d
e koivijver zonder planten. De iets hoger gelegen vijver, rechts van de brug, is een plantenfilter van 3 a 4 M3. Deze bevat o.a. veel snelgroeiende z.g. zuurstofplanten als hoornblad, fonteinkruid en waterpest en wordt gevoed door de scimmer in de koivijver. De warterval voert het water van het biologisch filter weer terug in de vijver.

Op het moment dat je een besloten hebt hoe de vijver moet worden, is het nog wel even belangrijk om de juiste plek te bepalen. Als u de mogelijkheid, om hem zo dicht mogelijk bij huis te maken, is dat aan te bevelen, omdat u dan altijd goed oog op de vijver en uw prachtige vissen hebt.
Is dat alles bepaald, dan kunt u aan de slag met de werktekening. Daarbij moet nog de plaats van het filter worden bepaald. Voor de keuze van een filtersysteem hebt u diverse mogelijkheden. Zie hiervoor eerst het hoofdstuk filters.

Naast een filter kan het belangrijk zijn een stroompje aan te brengen voor voldoende beweging in het oppervlak. Dit is vooral belangrijk voor de uitwisseling van o2 tegen de co2. Zie ook hoofdstuk water.
Dit kan echter ook met een luchtsteentje dat voldoende water in beweging brengt. Deze dient dan net onder het wateroppervlak te hangen. Naast een filter en een systeem voor zuurstofuitwisseling kunt u nog kiezen voor een z.g. skimmer. Een apparaat dat drijvend vuil (blad, stof en ander vuil) van uw vijver afhaalt.


Dan zijn er ook weer diverse mogelijkheden, voor de keuze van de folie. Dik, dun, flexibel of stug. Gebruikt u een vlakke folie, of maakt u gebruik van een vóórgevormd model. Laat u hierover door de vakspecialist goed raadplegen.
Belangrijk hierbij is wel, dat er zo min mogelijk vouwen in de vijver zitten waar stilstaand water kan staan. Naden sealen of lassen is daarvoor een prima oplossing.

Een belangrijke keuze is vervolgens, wel of geen planten. Dit is ook weer afhankelijk van uw keuze ten aanzien van de soort en de hoeveelheid vissen.
Een grote vijver met relatief weinig vissen, leent zich prima voor een verzameling planten. Een relatief kleine vijver met veel vissen, vraagt om andere middelen. En als u kiest voor planten, laat u dan uitvoerig door de vijverspecialist raadplegen, welke planten bij elkaar passen. Heel vaak zien we dat daar verkeerde keuzes worden gemaakt. In een natuurlijke sloot of vijver zien we ook geen vijftig soorten op een kluitje bij elkaar staan.


Zonder hierbij een plantenboek te schrijven, is het toch wel handig een paar soorten planten bij naam te noemen, die belangrijk voor uw vijver kunnen zijn. Ten eerste is er een groot verschil tussen water planten en moerasplanten.
Waterplanten in de volksmond ook wel zuurstofplanten genoemd zijn planten die snel groeien en dus een snelle stofwisseling hebben. Dit houdt in dat ze veel nitraat op nemen, samen met co2 (kooldioxide) daarvan groeien ze goed en geven tevens o2 (zuurstof) af.

In de natuur wordt een vijver of sloot op een natuurlijke wijze gecontroleerd en in stand gehouden.In onze vijver proberen we dat zo goed mogelijk na te bootsen. In de praktijk willen we echter vaak te veel in een te kleine biotoop (leefgemeenschap) te stoppen. En dat maakt onze vijver erg kwetsbaar.

Dat betekent tevens, dat we in onze vijver dan ook vaak moeten corrigeren. Een heel belangrijke stelregel is echter: “Heb geduld en geef de natuur de tijd”.
Met andere woorden, grijp niet te snel in met allerlei chemische hulpmiddeltjes.

Houdt echter wél de belangrijkste waterwaarden als ph, kh, nh2,3, no2 etc. in de gaten. Zie hoofdstuk water.

Er zijn diverse boeken in de handel over vijveraanleg. Raadpleeg eerst een goed boek en ga dan aan het werk.

Even een paar tips, wat u wel en wat u absoluut niet moet doen;

Wat is bijvoorbeeld wél aan te raden:
• Laat u eerst uitgebreid voorlichten. Lees een goed boek of bekijk een videoband. Maak daarbij gebruik van echte specialisten. Zij hebben er alle belang bij, dat het u goed gaat. U bent immers zijn klant.
• Maak een duidelijke tekening met alle eventuele leidingen, zodat u later altijd alles weer feilloos terug weet te vinden.
• Maak een goede kostenberekening en houdt u daaraan, zodat u op het laatst niet op belangrijke dingen hoeft te bezuinigen, waardoor mogelijk teleurstellingen kunnen ontstaan.
• Bepaal duidelijk de hoeveelheid vissen, die u wilt gaan houden en stem uw filtersysteem daar op af, met een zeer ruime overwaarde.
• Laat u ook voor filters voorlichten met praktijkvoorbeelden.
• Koop de juiste en een gegarandeerde pomp. ( minimaal drie jaar garantie) Let daarbij op het stroomverbruik en capaciteit. De pomp loopt wel bijna 365 dagen per jaar en 24 uur per dag.(50 watt verschil is al gauw 438 kilowatt per jaar.)
• Wanneer uw plan klaar is, bespreek het dan nog even met een specialist op vijvergebied, of uw koihandelaar.

U merkt dat bij een vijveraanleg heel wat komt kijken. Het is meer dan een gat graven, folie erin met water, planten, vissen en klaar is Kees.

Wilt u méér advies, mail dan even naar:

info@koibonsai.nl